Elektriciteitscentrale Veendam

Veendam

Elektriciteitscentrale Veendam

De elektriciteitscentrale Veendam werd tot na de Tweede Wereldoorlog gebruikt als turfcentrale. Sinds 2010 is de voormalig turfcentrale een broedplaats voor kunstenaars met een aantal ateliers in het gebouw.

  • Molenstreek 314
  • Gebouwd in 1901
  • In beheer sinds 2007
  • Monumentnummer 515425
  • Wist u dat de elektriciteitscentrale in Veendam ooit de eerste centrale in de provincie Groningen was?

Het monument

De elektriciteitscentrale van Veendam is een monument omdat het van belang is vanwege de cultuur- en architectuurhistorische waarde. Het dient als voorbeeld van een elektriciteitscentrale van rond 1900 opgetrokken in een overgangsarchitectuur met Chaletstijl elementen én als eerste voorbeeld van een elektriciteitscentrale in de provincie Groningen. Daarnaast is de buitenkant van het gebouw nog gaaf gebleven, is het monument van typologische zeldzaamheid in de Provincie en heeft het gebouw een markante ligging aan de Molenstreek naast de spoorlijn. 

De geschiedenis

Toen de elektriciteitscentrale Veendam de deuren opende in 1901, was het de eerste elektriciteitscentrale in de provincie Groningen. Het gebouw bestond uit een machinehal met een schoorsteen van veertig meter hoog, een werkplaats, een schakelhuis, een transformatorruimte en een kantoorgebouw met chaletstijlelementen. Deze elektriciteitscentrale was zo bijzonder omdat het de eerste centrale binnen de provincie Groningen was, toen in handen van de Eerste Nederlandse Electriciteits Maatschappij (ENEM). 

De ENEM leverde vooral aan klanten in Veendam, Nieuwe Pekela en Wildervank. Maar deze klanten waren voornamelijk kleingebruikers, waardoor het de ENEM niet lukte het bedrijf rendabel te krijgen. Daarom namen de gemeente Veendam, de gemeente Wildervank en een groep particulieren in 1905 de elektriciteitscentrale over, onder de naam NV Elektriciteits Maatschappij Veenkoloniën (EMV). Het doel van de EMV was om Veendam, Wildervank en Nieuwe Pekela van elektriciteit te voorzien. In 1948 wordt het magazijn op de verdieping veranderd in een dienstwoning. Het gebouw werd in 1957 uitgebreid met een kantoorruimte aan de noordwestzijde, waar vroeger de schoorsteen stond. 

Rond 1969 gaat het Provinciaal Electriciteits Bedrijf (PEB) verder met de centrale. De centrale werd toen alleen nog gebruikt als schakelstation en als kantoorruimte. Er volgde een periode waarin het complex dienstdeed als bedrijfsverzamelgebouw.